Electra in huis

zondag 23 februari 2014 - 21:07 uur

Voordat je het elektricienwerk gaat doen, onder andere storingen verhelpen, een lamp op hangen, etc., is het handig om eerst de stroom eraf te halen. Dit is gebruikelijk en veilig. Dit kan je doen in de meterkast. In de meterkast moet je de groepsschakelaar omschakelen en dan moet je de verzekering eruit halen. Als je dit heb gedaan dan meet je gelijk met een spanningsmeter of de installatie spanningsloos is.

Je kan in jouw huis de stroomregelingen bepalen in de meterkast. Je krijgt het stroom in je huis binnen via een dienstleiding. De dienstleiding begint bij een elektriciteitsmeter om te kunnen opmeten hoeveel energie een huishouden verbruikt. In de meterkast zie je ook een kast met meerdere zekeringen. Een zekering is een beveiliging van een schakelringsysteem. Een zekering verbreekt de stroomaanvoer als er kortsluiting ontstaat. Er zijn twee soorten schakels. Een serieschakeling en een parallelschakeling.

Serieschakeling
Een serieschakeling is een schakeling waarin de componenten in een stroomkring achter elkaar staan. De spanning is evenveel in een serieschakeling. Als één component in een schakeling het niet meer doet, dan wordt de stroomkring niet rond gemaakt. Geen van alle lichtjes zouden stroom krijgen. Een goed voorbeeld is de verlichting van een kerstboom. Deze is in serie geschakeld en als één lampje het niet doet, dan doet de rest het ook niet.

Parallelschakeling
Een parallelschakeling is een schakeling waarin de componenten niet achter elkaar staan in een schakeling. In deze opstelling zitten vertakkingen. In een parallelschakeling kun je ieder onderdeel apart aan- en uitzetten. Dus in ieder huishouden wordt een parallelschakeling gehanteerd. Wanneer er een serieschakeling in het huis zou zitten zou bij wijs van spreken in het hele huis de stroom uitvallen zodra het lampje van de wc kapot is.

Stroom komt het huis binnen via een z.g. dienstleiding die eindigt bij de elektriciteitsmeter. Daarboven zie je een kast met twee of meer zekeringen. Een zekering is een beveiliging die de stroom verbreekt in geval van kortsluiting of overbelasting.
Aan het aantal kan je zien in hoeveel groepen de installatie is verdeeld. Iedere groep kan je uitschakelen door de schakelaar boven of naast de zekering om te zetten. Vaak zie je hier ook een z.g. aardlekschakelaar, een kastje met een testknop erop. Dit is de levensverzekering. Raak je op een ongelukkige plaats, bijv. op een natte stenen vloer, een toestel aan dat onder stroom staat, dan verbreekt de aardlekschakelaar in een fractie van een seconde de stroom.

De draden in verschillende kleuren
Tegenwoordig vind je in een normale installatie vier soorten kleuren draad. Bruin, blauw, zwart en groen. Het draad met de bruine kleur wordt gebruikt voor de stroomaanvoer en het draad met de blauwe kleur wordt meestal gebruikt om de stroom af te voeren. Het draad met de zwarte kleur wordt gebruikt om een schakelaar te verbinden met een lichtpunt. Deze wordt ook wel de nuldraad genoemd. Dan hebben we ook nog het draad met de groene kleur. Deze kan ook nog wel eens een geel tintje hebben. Hij wordt ervoor gebruikt om een letterlijk contact te maken met de aarde, een beveiliging. De aarddraad wordt deze ook wel genoemd.

Zekeringen plaatsen
Als je niet wil dat de stoppen door slaan moet je even uitrekenen wat de maximale stroomsterkte is van de zekeringen. De stroomsterkte wordt uitgedrukt in ampère. Iedere lamp of televisie, heeft een bepaalde stroomsterkte. Als je het vermogen wil weten, dan moet je de spanning vermenigvuldigen met de stroomsterkte. De spanning wordt weergeven in volt en het vermogen in watt. De spanning is meestal 230 volt.

Meestal staat er op ieder apparaat, dat word aangevoerd door elektriciteit, hoeveel vermogen het heeft. Als je dit aantal weet kan je de stroomsterkte berekenen en dan weet je welke zekeringen je moet hebben. Je deelt dan de spanning (meestal 230 volt) door het vermogen. De uitkomst is dan de stroomsterkte in Ampère. Dan kan je selecteren welke zekering je moet gebruiken. Een zekering met een rood plaatje heeft een stroomsterkte van 10 ampère en een zekering met een grijs plaatje erop is goed voor 16 ampère. Dus je kan voor een zekering met een rood plaatje 2300 watt gebruiken (10 ampère x 230 volt) en bij een zekering met een grijs plaatje 3680 (16 ampère x 230 volt).

Bron foto's: Huis-en-tuin-infonu.nl en duic